Laden...
lock_open Inloggenkey_go Registreren

Het verhaal achter de broden van opa Schreuder

De broden van Opa Scheuder herkent u aan hun ambachtelijke, overheerlijke en pure smaak. De smaak van de Veluwe. Dat wist u al. Maar wist u ook dat er achter ieder brood een verhaal zit? Een verhaal dat een licht werpt op het leven op de Veluwe van weleer. En vooral op het leven van Opa Schreuder. Een gedreven ambachtsman die zijn inspiratie haalde uit het dagelijkse én uit het niet alledaagse leven op de Veluwe. Leest u de verhalen en laat u mee terug nemen naar de jonge jaren
van Opa Schreuder op de Veluwe.


Het zwarte goud

Donker als de Veluwse nacht

Het moet 2 oktober 1964 zijn geweest. Die nacht, bij wassende maan, toen er een zwarte deken over de Veluwe lag, verliet Opa Schreuder stilletjes zijn ouderlijk huis en begaf zich met zijn bakfiets licht gespannen maar vastbesloten naar De Oude Bakoven vlak buiten Uddel. Een broodoven uit vervlogen tijden. Waar ooit Kelten en Batavieren neerstreken om zich te laven aan brood en mede. Daar groeiden de halmen die Opa Schreuder nodig had. Halmen die zich slechts één nacht zichtbaar maakten: die nacht. In de aanschijn van het zwakke maanlicht verhieven ze zich trots als zacht wuivend goud tussen het gras en lisdodden en wenkten Opa Schreuder om hen te oogsten. De morgen daarop werd het huis gewekt door de heerlijke geur van versgebakken brood zoals niemand dat tot dan toe ooit geroken had. Het Zwarte Goud was geboren.


De witte boterpol

Ontstaan uit echte liefde
Des zomers, als de zon op zijn hoogst stond en een zwoele wind het veld deed zuchten, zocht Opa Schreuder, toen nog een jonge man in de kracht van zijn leven, regelmatig verkoeling bij De Witte Boterpol. In de schaduw van een overhangende wilg opende hij dan zijn mand en haalde er twee broden uit die tezamen een hart vormden. Eén voor hem en één voor Johanna, het meisje met de korenblauwe ogen dat hij al zijn leven lang kende. De tijden veranderden echter en langzaam verloren de twee elkaar uit het oog. Nu, jaren later, als de wind guur om zijn huis trekt, zit Opa Schreuder soms stilletjes voor de open haard terug te denken aan Johanna. En is hij blij dat er nog altijd dat brood is dat hem herinnert aan die zoete zomermiddagen, De Witte Boterpol. Een brood met zoveel liefde gebakken dat het met recht Opa Schreuders mooiste brood genoemd mag worden.


De kleine hul

Brood voor winnaars
Opa Schreuder herinnert het zich nog goed, die laatste wedstrijd Schaaprennen op de Kleine Hul. Toen Egbert Kok het opnam tegen Zeger van Asselt. Nu moet u weten dat het traditionele en inmiddels bijna vergeten Veluwse Schaaprennen pas een winnaar kent wanneer de ander opgeeft. Twintig dagen en nachten zag men hun, rennend met een ooi over de schouders. Heuvel op, heuvel af. Opa Schreuder bakte voor beide rivalen speciale broden. Die voedzaam en toch lichtverteerbaar waren. Er moest immers nog wel gerend worden! De wedstrijd kende geen winnaar. Na drie weken gingen Zeger en Egbert hand in hand over de finish. Een gebaar van wederzijds respect dat lang verbonden bleef met de Kleine Hul. Totdat het in 1956 schaamteloos werd gekopieerd tijdens een schaatswedstrijdje in Friesland. Dat gebaar, ach, laat ze dat maar houden daar in het noorden. Het brood, dat houden wij! 


Het stille wold

Een geheim om van te smullen!
Opa Schreuder zal een jaar of 18 zijn geweest. Beresterk en het hart op de goede plek. Tijdens een van zijn tochten op zijn broodfiets besloot hij op een dag een nieuwe route te nemen. Dwars door het Stille Wold. Zelf zegt hij er niet veel over, maar we moeten niet uitsluiten dat Opa Schreuder het zag als een verplichting aan zijn dorpsgenoten. Het Stille Wold was in die dagen namelijk het domein van beurzensnijders en ander rapalje. Toen hij pas laat in de avond terugkeerde schijnt Opa Schreuder de bakkerij in gerend te zijn om daar pas vele uren later uit te komen met een brood, zo lekker, zo vol van smaak, zo luchtig. Zoiets hadden ze het nog nooit gegeten. Wat Opa Schreuder inspireerde weten we niet, maar het feit dat de Veluwe al snel bekend stond als vredig en veilig doet vermoeden dat hij het geteisem verjaagd had. Waarschijnlijk naar Friesland. En dat vierde hij op zijn geheel eigen manier: met een brood voor kampioenen!